Johannes Brahms
Kwintet opus 111
Arnold Schönberg
Sextet "Verklärte Nacht"
De wereld van gisteren

met teksten van Stefan Zweig Joseph Roth Robert Musil en Peter Altenberg

Wereld van gisteren

De sfeer van het Fin de Siëcle wordt in dit programma voelbaar gemaakt door fragmenten uit werken van Stefan Zweig, Joseph Roth, Robert Musil gecombineerd met de muziek van Brahms en Schönberg. Het kwintet van Brahms contrasteert sterk met het eendelige sextet “Verklärte Nacht” van Arnold Schönberg. Het strakke klassieke vormdictaat waarbinnen Brahms zijn inspiratie kon ontplooien werd door Schönberg verlaten en hij volgde in "Verklärte Nacht" nauwgezet de sfeer van Richard Dehmnel’s gelijknamige gedicht. Brahms' Kwintet was bedoeld als afscheid van zijn scheppend bestaan, terwijl Schönbergs opus twee het begin vormde van een zoektocht naar de verlegging van tonale grenzen die uiteindelijk zou leiden tot een radicale breuk met het verleden door zijn ontwikkeling van de twaalftoonstechniek. De spanning tussen het einde van een tijdperk en de vooraankondiging van de moderniteit bestond niet alleen in deze contrasterende componeerstijlen,maar doortrok ook de atmosfeer van het laat 19e eeuwse Wenen.

Of Peter Altenberg zijn bekendheid meer als meester van het korte verhaal, als lid van de literaire groep Jung Wien of als bekend stadsunicum te danken heeft is niet helemaal duidelijk, maar een bezoeker van Wenen kan zijn in papier-maché vereeuwigde figuur nog steeds aan zijn stamtafel in het Café Central zien zitten. Ondanks zijn goede burgerlijke afkomst voerde hij het leven van een Bohémien en beschreef in impressionistische en soms bijtende schetsen het Wenen van het Fin de Siécle. zoals híj dat waarnam.
Deze tijd aan de vooravond van de eerste wereldoorlog werd gekenmerkt door zowel vooruitgang als regressie. Die gespletenheid doordrenkte de atmosfeer van Wenen en fungeerde zowel als motor voor de Weense culturele vernieuwingen als kiem van het verval wat de "Wereld van Gisteren" uiteindelijk zouden doen verdwijnen.

Traditioneel middelpunt van Wenen was het keizerlijk hof rond keizer Franz Josef. Hij was het eerbiedwaardig middelpunt van de Habsburgse dubbelmonarchie en het symbool van traditie en stabiliteit. Gedurende de 19e eeuw moest de keizer de macht in toenemende mate delen met de in die periode tot wasdom gekomen burgerij. Zij consolideerde haar positie als één van de steunpilaren van het Weense leven met de bouw van de Ringstrasse en schiep op deze manier een stenen tegenwicht voor het keizerlijke hof. Hoewel het 50 jarig regeringsjubileum van Franz Josef in 1898 met veel glans tegen deze spectaculaire coulisse werd gevierd kon dat niet verhullen dat beide werelden duidelijke scheuren begonnen te vertonen. De Monarchie bevond zich in een crisis en Oostenrijk was niet meer de wereldmacht die het aan het begin van de eeuw nog geweest was. Ook een deel van de burgerij verloor het elan wat haar opkomst had gekenmerkt en verviel in decadentie. Dat verschil tussen realiteit en schijn ontging kunstenaars en wetenschappers niet en zij begonnen de rotte binnenkant onder het vormelijke omhulsel bloot te leggen. Freud onthulde het door oerdriften gedreven wezen binnen de Victoriaanse mens, en kunstenaars als Klimt en Schnitzler vertaalden hun observaties naar beeld en literatuur. Hij en andere literaten verzamelden zich in de groep Jung Wien waartoe ook Altenberg behoorde.

Wereld van gisteren